Het planten van de bollen

Vanaf half oktober is het tijd om de bollen weer in de grond te stoppen. Voordat het zover is moet er nog wel het een en andere gebeuren. Zodra het pellen en sorteren in augustus is afgerond krijgt verwerkingslijn een andere opstelling zodat het geschikt is voor de verwerking van al het plantgoed. Het plantgoed moet ook geschoond, gesorteerd en nagekeken worden voordat het de grond ingaat.

Elke maat wordt apart opgeplant zodat er later in het voorjaar een mooi egaal beeld ontstaat. Dit is weer voordelig bij het selecteren en koppen ook hoeven de kleinere planten dan niet te vechten om een goed plekje te krijgen naast hun grotere buurman.

De bollen worden bij ons in twee polders geteeld. Ongeveer de helft staat in de jongste polder (de Wieringermeer) en de rest staat in het ouwe land. Hiermee bedoelen we eigenlijk heel oostelijk West Friesland. In de regel wordt er eerst in de Wieringermeer geplant. Deze polder is doorgaans iets kouder dan het ouwe land. Hierdoor kan er dan ook wat eerder begonnen worden met planten. Alle percelen hebben als voorvrucht gras. Het grote voordeel van gras is dat de structuur van de grond voor bollen optimaal is. Het bodemleven neemt door gras toe en daarmee ook de vochtdoorlatendheid.

We planten de bollen tussen twee netten die 1,50 meter breed zijn. Deze worden onder een laag grond gelegd met een dubbelnet-plantmachine. Deze is uitgerust met een zogenoemd S-systeem. Hierbij wordt er gebruikt gemaakt van drie schuimrollen die de bollen netjes naar de juiste plaats brengt en houd. Zodat ze ook daadwerkelijk op de plek komen waar ze horen te liggen.

Comments are closed.